Waarom mollen tellen?
Mollen leven onder de grond en laten vooral sporen achter: molshopen. Door die hopen te tellen krijgen onderzoekers een beeld van hoeveel mollen er zijn en hoe het met de bodem en insecten gaat. Mollen zorgen namelijk voor lucht in de grond en eten veel beestjes.
Voor kinderen voelt het vooral als een missie. Een echte speurtocht in de buitenlucht!
Waarom dit zo leuk is om samen te doen
De mollentelling is een perfecte “we gaan even naar buiten met een doel”-activiteit. Het geeft een wandeling meteen een extra laag.
Kinderen vinden het spannend om iets te zoeken wat niet iedereen ziet.
Ouders merken dat een rondje buiten ineens rustiger en gezelliger wordt.
En samen tellen maakt het speels.
Je kunt het klein houden of groot maken:
Een rondje door de buurt
Speuren in het park
Tellen in de achtertuin
Een kaartje maken waar jullie hopen zien
Gokken hoeveel gangen er onder één hoop zitten Ondertussen leren kinderen kijken, vergelijken, tellen en vragen stellen. Zonder dat het voelt als school.
Wat kinderen hier ongemerkt van leren
Ze ontdekken dat niet alles zichtbaar is, maar wel bestaat.
Ze oefenen met observeren en tellen.
Ze zien dat dieren onder de grond ook een rol spelen.
Ze merken dat hun telling echt ergens voor gebruikt wordt.
Dat laatste maakt het vaak extra leuk: ze helpen mee aan onderzoek.
Zo doe je mee
Meedoen is simpel.
Ga tijdens de telperiode op 6, 7 & 8 februari naar buiten en tel het aantal molshopen dat je ziet. Dat kan in je tuin, in het park of tijdens een wandeling. Je hoeft geen mol te spotten. Alleen de hopen tellen is genoeg. Als je toch een mol ziet, schrijf je dat ook op
En daarna komt het belangrijke stuk:
de telling doorgeven.
De telling in je eigen tuin doe je via
de website van Tuintellingen.nl: Molshopen doorgeven
Daar kun je in een paar minuten invullen:
- hoeveel mollen je hebt gezien (komt helaas niet zo vaak voor)
- hoeveel dode mollen je hebt gezien (komt gelukkig ook niet zo vaak voor)
- hoeveel molshopen jullie gezien hebben (die kun je wél gemakkelijk vinden)
Kinderen kunnen je hier prima bij helpen. Laat ze het aantal oplezen en samen invoeren. Dan voelen ze echt: wij hebben dit gedaan.
Als jullie ergens anders hebben geteld (in het park, op de camping of ergens onderweg tijdens een wandeling) dan moet je die doorgeven op deze website: Waarneming.nl
Deze website is wat ingewikkelder opgesteld én ook nog eens in het Engels maar onderin zie je wel dat er naar de zelfde dingen gevraagd wordt.
Maak er een mini-missie van
Wie ziet de eerste molshoop?
Wie telt er het meest?
Zitten ze dicht bij elkaar of ver uit elkaar?
Waarom zou een mol juist daar zitten?
Je kunt het combineren met tekenen of knutselen. Laat kinderen een ondergronds gangenstelsel tekenen of hun eigen mol verzinnen. Zo wordt het een hele middag avontuur.
Kleine actie, groot effect
Wat zo mooi is aan de Nationale mollentelling: het laat zien dat je met iets kleins al kunt bijdragen aan wetenschap. Gewoon door goed te kijken in je eigen omgeving.
Voor kinderen is het een speurtocht.
Voor ouders een fijn moment samen buiten.
Voor onderzoekers waardevolle informatie.
Dus trek je schoenen aan, kijk naar de grond en ga op avontuur in je eigen achtertuin.
Misschien ligt er wel een hele ondergrondse wereld op jullie te wachten.