Zelfvertrouwen voeden: meer proces minder over het resultaat

Zelfvertrouwen groeit niet alleen door wat er lukt, maar vooral door hoe een kind leert kijken naar wat er gebeurt tijdens het proberen en ontdekken.

Ik zei het altijd met liefde.

“Wat knap van je!” “Wat ben jij slim!”

Tot ik op een dag een aantal onderzoeken las die me aan het denken zetten. Ik ontdekte dat zulke complimenten soms iets kunnen oproepen wat ik helemaal niet bedoel.

Mijn kind begon zich ineens druk te maken over het maken van fouten. Alsof het belangrijk werd om slim of knap gevonden te worden, in plaats van plezier te hebben in het proberen, leren en ontdekken.

Ik herkende het gevoel. Zelf heb ik ook lang gedacht dat ik iets moest bewijzen om bevestiging te krijgen. En dat is precies wat ik mijn kinderen niet wil meegeven.

Dus ik ben me gaan verdiepen in wat woorden eigenlijk doen. Wat je kind tussen de regels door oppikt. Hoe je met kleine aanpassingen in je taal juist ruimte kunt geven aan groei, aan vertrouwen, aan veerkracht.

In dit artikel neem ik je mee in die ontdekking. Geen lijstje met wat je wel of niet zou “moeten” zeggen, maar ideeën en inzichten die je kunt uitproberen en zelf kunt voelen wat bij jullie past.

Wat complimenten kunnen doen

Als jij jouw kind vaak iets zegt over het resultaat, zoals “Wat een mooie tekening!”, dan kan er iets ontstaan wat je misschien niet verwacht. Jouw kind kan denken dat het eindresultaat bepaalt hoeveel waardering het krijgt.

Kinderen zijn gevoelig. Ze voelen het haarfijn aan als er iets achter jouw woorden zit. En ze vormen al vroeg overtuigingen over zichzelf: “Ik ben pas goed als ik iets moois of knaps laat zien.”

Kinderen die regelmatig complimenten krijgen op eigenschappen zoals slimheid, ervaren eerder spanning bij uitdagingen. Ze gaan eerder twijfelen als iets niet lukt en zoeken vaker naar bevestiging van buitenaf. (Mueller & Dweck, 1998) 

Dit betekent niet dat je nooit iets mooi of knap mag vinden en dat ook benoemen, maar het is wel goed om je bewust te zijn van de alternatieven.

Meer focus op proces, minder op resultaat

Wil je dat jouw kind zelfvertrouwen ontwikkelt van binnenuit? Dan kun je woorden gebruiken die het proces zichtbaar maken. Niet alleen het eindresultaat, maar de inzet, de aandacht, het plezier, het doorzettingsvermogen.

Zeg bijvoorbeeld:

“Ik zag dat je bleef proberen, ook toen het even lastig werd.” “Wat mooi hoe je daar zelf een oplossing voor vond.” “Je hebt echt met aandacht gewerkt, ik zie dat je er plezier in had.”

Kinderen leren dan: “Mijn waarde zit niet in wat ik afmaak, maar in wat ik ontdek terwijl ik bezig ben.”

Kinderen die procesgerichte feedback krijgen, ontwikkelen meer veerkracht en blijven nieuwsgieriger naar nieuwe uitdagingen, zelfs vijf jaar later. (Gunderson et al., 2013)

Ruimte geven aan gevoelens

Zelfvertrouwen groeit niet alleen van aanmoediging, maar ook van erkenning. Zeker op momenten dat iets spannend, verdrietig of frustrerend is.

Wanneer je kind iets lastig vindt, helpt het enorm als jij dat gevoel even laat bestaan. Zonder het meteen te fixen of om te buigen.

In plaats van “Geeft niks, je kunt het best,” kun je zeggen:

“Ik zie dat je het spannend vindt.” “Je baalt echt, hè?” “Je vindt het nu even niet leuk, dat snap ik.”

En pas daarna:

“Je was er wel bij gebleven, dat vond ik krachtig om te zien.”

Emotionele erkenning helpt kinderen zich veilig te voelen met alles wat er is. Dat draagt bij aan een sterk gevoel van eigenwaarde. (Brumariu, 2015) 

Fouten horen erbij, ook dat mag zichtbaar zijn

Kinderen leren door iets te proberen, opnieuw te beginnen, te ontdekken en dus ook door fouten te maken. Als jij kunt laten zien dat fouten oké zijn, en zelfs waardevol, geef je een belangrijke boodschap mee: je hoeft het niet meteen te weten. Je mag leren.

Je kunt vragen:

“Wat heb je hiervan ontdekt?” “Wat werkte al goed en wat wil je anders doen?” “Wat fijn dat je dit hebt geprobeerd, ook al wist je nog niet zeker hoe het zou gaan.”

Kinderen die een groeimindset ontwikkelen, blijven nieuwsgieriger, zijn langer gemotiveerd en gaan beter om met tegenslag. (Dweck, 2006) 

Jij bent het voorbeeld

De manier waarop jij over jezelf praat, telt misschien nog wel het meest.

Zeg jij dingen als “Ik kan dit niet”, of juist “Ik ben nog aan het leren”?

Jouw kind hoort je en ziet je. En neemt het over omdat je kind nog geen andere manier weet. Dit is eigenlijk fantastisch nieuws, want jij kunt de manier waarop je kind problemen oplost beïnvloeden door woorden te kiezen die ruimte geven aan groei, mildheid en vertrouwen.

Spiegelneuronen zorgen ervoor dat kinderen onbewust gedrag en emoties van hun ouders kopiëren. Ze leren vooral van wat ze zien en voelen, niet alleen van wat we zeggen. (Iacoboni, 2009) 

Mijn zelfvertrouwen experiment

Op basis van bovenstaande inzichten en onderzoeken ben ik flink aan het oefenen om het vooral over het proces en de emoties te hebben en niet over wat er gelukt is.

Ik gebruik woorden die het proces zichtbaar maken. Ik heb zelfs een spiekbriefje voor mijzelf gemaakt.

Ik geef ruimte en woorden aan emoties, zonder ze weg te praten. Bij de kinderen, maar ook bij mijzelf. Hardop, zodat ze ook mijn proces zien en begrijpen.

Ik laat in mijn eigen gedrag zien dat leren, oefenen en fouten maken horen bij het leven, ook als je “volwassen” bent.

Mijn woorden tegen mijzelf zijn echt veel milder en liever geworden en passen bij groei en compassie.

Door eerst op te merken wat ik zeg en situaties te herkennen en daar een volgende keer andere woorden aan te geven, merk ik dat er meer ruimte komt voor de emoties van mijn kinderen. Gaat dit altijd goed? Nee. En dat mag dus ook. Ook daar is ruimte voor, want ook ik ben aan het leren.

Eigenlijk is er niets veranderd, want ik zeg de dingen nog steeds vanuit liefde en even enthousiast. Toch denk ik dat ik ze zo meer van binnenuit laat geloven in zichzelf. Dat had ik ook wel willen leren toen ik die leeftijd had.

Bronnen

Mueller, C. M., & Dweck, C. S. (1998). Praise for intelligence can undermine children’s motivation and performance. Journal of Personality and Social Psychology, 75(1), 33–52.

Gunderson, E. A., et al. (2013). Parent praise to 1- to 3-year-olds predicts children’s motivational frameworks 5 years later. Child Development, 84(5), 1526–1541.

Brumariu, L. E. (2015). Parent–child attachment and emotion regulation. New Directions for Child and Adolescent Development, 148, 31–45. 

Dweck, C. (2006). Mindset: The New Psychology of Success.

Iacoboni, M. (2009). Imitation, empathy, and mirror neurons. Annual Review of Psychology, 60, 653–670.

Deel dit bericht:

Gerelateerd

Vogels maken: ook als tekenen niet jouw ding is

Soms begint creativiteit gewoon met één vorm, een beetje kleur en samen durven beginnen.

Tien manieren om moederdag nóg bijzonderder te maken

Moederdag nog een beetje meer bijzonder maken: dit kun je - ook last minute - doen!

Een speurtocht maken met AI

Laat AI meedenken en maak samen een speurtocht die niemand meer vergeet.